Plantages / A / Adrichem [Matapicakanaal]

Sranan Tongo Naam
Fiskari of Heide

Locatie
Matapicakanaal
Rechterhand richting oceaan gaande

Grootte
500 akkers (1819-1863)

Producten
Koffie en Cacao (1753); Koffie en Katoen (1819); Koffie (1853)

Familienamen Emancipatie 1863
Baan, Beeck, Berg, Bild, Boks, Bont, Boog, Borg, Draak (de), Dreg, Eelst, Eerwaard, Entingh, Gewild, Haard, Heester, Heide, Hoepel, Hovel, Hoven, Huike, Huks, Kerk, Kohino, Kruk, Moedig, Pink, Rustig, Schelma, Soes, Vaardig, Vaart, Vischman, Zorgen, Zuil (van) en Zuinig.

Omschrijving
De “nieuwe raad-fiscaal” Georg Curtius arriveerde in 1751 vanuit Amsterdam met het schip “Isaac” onder schipper Claas Waarnaars. In 1753 vroeg en verkreeg hij de grond voor de latere plantage Adrichem aan het kanaal van Matapica. De tot slaaf gemaakten noemden de plantage “Fiscari”.
De eerste inventaris van de plantage dateert uit 1755. Deze was nog in de ontginningsfase. Er werkten 71 tot slaaf gemaakten, de productie van koffie en cacao was al op gang gekomen. Om de plantage verder te ontwikkelen, sloot Curtius het jaar daarna een lening van Fl.49.000,- af bij het handelshuis Hamilton & Meyners te Rotterdam (1).
George Curtius (1721-1760) huwde in 1758 met Geertruy Smit (1736-?) uit Amsterdam.

Het huwelijk heeft slechts twee jaar geduurd. Curtius overleed in 1760 en werd op Adrichem begraven. Kinderen zijn er waarschijnlijk niet geweest (de gereformeerde doopregisters zijn er niet meer, dus helemaal zeker is dat niet). Echtgenote Elisabeth Geertruy Smit erfde het bezit. Zij was ten tijde van Curtius’ overlijden in november 1760 trouwens niet in Suriname; in April was zij met het schip Panama naar Rotterdam afgereisd, en er zijn geen aanwijzingen, dat zij ooit naar Suriname is geretourneerd. Ten behoeve van de erfenis werd in 1760, na de dood van Curtius, een inventaris van de plantage opgesteld. De plantage was 500 akkers groot waarop 151 tot slaaf gemaakten werkten. Daarmee behoorde ze tot de grootste koffieplantages van die tijd. Uit de inventaris van 1760 blijkt voorts dat de plantage onder sequestratie was geplaatst. Dat zal wel betekenen dat Curtius zijn lening bij Hamilton & Meyners niet volgens contract had afbetaald, en geschiedde de sequestratie om de belangen van de schuldeisers veilig te stellen. Tot de erfenis behoorde ook een huis aan de Wagenwegstraat, met een erf doorlopend tot aan de Keizerstraat.

In 1793 blijkt de plantage volgens de almanak in handen te zijn van Joach en Woldorff. Over hen is niets bekend.

In de almanak van 1821 is te zien dat de gebroeders Kerkhoven de plantage in bezit hebben, maar dat was al veel eerder. In ieder geval in 1809: Dat blijkt uit een overlijdensadvertentie van Arnoldus Laurens Kerkhoven (2), overleden op 9 juli 1809, ongeveer 22 jaar oud. Zijn lichaam werd gebracht van Paramaribo naar plantage "Adrichem" in Matapica om te worden begraven. Hij was gehuwd, en zijn weduwe aanvaardde de boedel. De gebroeders Kerkhoven bezaten geen andere plantages. Voor zover bekend woonden er behalve Arnoldus, geen andere familieleden in Suriname. Adrichem was 500 akkers groot en produceerde koffie en cacao. Omstreeks 1831 bezocht M.D. Teenstra de plantage, om gegevens te verzamelen voor zijn boek “de Landbouw in de kolonie Suriname”. De plantage was toen 500 akkers groot, waar 151 tot slaaf gemaakten werkten.

In 1863 ten tijde van de emancipatie waren de eigenaren de Erven van Pieter Kerkhoven, in totaal 28 personen, wonende in Nederland; de “tegemoetkoming” bedroeg f 39.900,-- voor 137 tot slaaf gemaakten op de plantage + f 300,-- voor 1 tot slaaf gemaakte werkzaam in huis. Zij ontvingen 36 familienamen, die thans allemaal uitgestorven zijn.

Na 1863 heeft de plantage nooit contractarbeiders geworven en is vermoedelijk spoedig na de emancipatie buiten productie gesteld en verlaten.

Voetnoten:
1: J.P. van der Voort – de Westindische plantages 1720-1795, Eindhoven, 1973, p. 288.
2: J.F. Sang-Ajang – database overledenen 1800-1828, manuscript, 2005.

Bronnen:
Philip Dikland - oud archief der burgerlijke stand in Suriname
Heinrich Helstone, Okko ten Hove e.a. - database emancipatieregisters 1863

Eigenaren
1753-1760: Georg Curtius
1761-1767: Elisabeth Geertruy Smit (weduwe Georg Curtius)
1793: Joach, T. L. Woldorff
1809: Geb. Kerkhoven
1863: de erven Pieter Kerkhoven

NB: De informatie op deze pagina is afkomstig uit vele bronnen, deze kunnen worden geraadpleegd op onze bronnen pagina.